Maarten van Rossumpad 

The blue dot

De band van ons ‘zusterhood’ smeden we tijdens onze tocht buiten. We lopen van jouw roots naar de mijne. We ontdekken elkaar en onszelf en blijken meer gemeen te hebben dan we ooit van te voren hadden kunnen bedenken.

We lopen in de sporen van Maarten van Rossum het afwisselende LAW4 pad gemarkeerd met wit-rode stickers. Het loopt van Den Bosch naar Ommen en volgt de sporen van de Gelderse ridders. Wie was Maarten roofridder of competent legeraanvoerder van Gelre en held of beide? In die tijd waren de verschillen niet zo groot. Het pad loopt door verschillende natuurgebieden. Eerst wandelen we door het uitgebreide rivierengebied van de Maas, Waal en de Rijn en passeren we de karakteristieke dorpen met hun vele fruitbomen van het land van Maas en Waal en de Betuwe. Door jouw roots bij de geweldige uiterwaarden en rivieren.

Vervolgens wandelen we langs de Veluwerand via Rhenen naar Arnhem om daarna de Veluwse bossen te doorkruisen op weg naar Apeldoorn, waarna het pad verder loopt over de noord Veluwe naar de IJssel bij Zwolle. Hierna loopt de route dwars door het fraaie Salland en de Overijsselse Vechtstreek naar Steenwijk het eindpunt van deze LAW. Verrassende stukjes Nederland met prachtige natuur en vaak zeer stille plekjes waar de vogelgeluiden nog volop hoorbaar zijn. We zien het familieslot in Rossum, zijn en onze huizen en kastelen in Zaltbommel, Arnhem en Vaassen. Al die kastelen, Oranjepaleizen, Sallandse havezaten en spiekers karakteriseren het Maarten van Rossumpad. Alle verhalen uit ons verleden, herinneringen delen we. Zo smeden we onze band en maken nieuwe herinneringen. Al met al kent het lange Maarten van Rossumpad vele prachtige plekjes, net als wij.

Weekend 1: 17 en 18 oktober 2015 Den Bosch Zaltbommel

We starten het Maarten van Rossum pad bij het station in Den Bosch. Lopend door Den Bosch wanen we ons een paar eeuwen terug. We wandelen door oude straten langs de markt, Sint Jan en de Binnen Dieze, dit voormalige open riool is volledig gerestaureerd. Je kan er met kleine rondvaartboten tochtjes maken. Wat veelvuldig gebeurd.

 

Na het oversteken van de Zuid-Willemsvaart en de Aa waar we het Peellandpad kruisen gaan we richting Orthen en Engelen. Bij Bokhoven zijn woonwijken gebouwd in de vorm van kastelen. We lopen den Bosch uit over de Engelse dijk en overnachten in Orthen bij een bijna gesloten bed en breakfast van ‘oom en tante’ in de logeerkamer met nagebouwde schepen. We wanen ons in de jaren ’70 op een logeerpartijtje. We gaan naar bed met Suske en Wiske.

Vroeg in de ochtend lopen we de modderige uiterwaarden in, langs de plassen van de Fransche wielen en steken de Dieze over richting Engelen. We lopen wat langzamer vanwege de paden door de weilanden, maar het is de moeite waard. Langs het kerkje van Engelen lopen we naar de Henriettesluizen en wandelen we langs het fort Crèvecoeur en passeren een spuisluis waarna de Maas in zicht komt. Langs de Maas wandelen we over de Empelse dijk via Oud Empel naar Empel. Daar kiezen we voor de route langs de Maasoever. Onderweg zien we verschillende grote en kleine Wielen, kleine kolken die zijn overgebleven na een dijkdoorbraak. Het landschap langs de uiterwaarden is gevarieerd en afwisselend met weilanden, riet en wilgenbosjes en regelmatig vrij zicht op de Maas.

Langs Empel loopt de route verder naar Gewande waar we een paar gemalen en sluizen passeren. Over de Wildse dijk wandelen we verder langs de Maas naar het Wild waar we de dijk verlaten om onderaan de dijk verder te lopen naar Maren. In Maren komen we weer op de dijk uit en lopen verder richting Maren-Kessel, onderweg passeren we weer een paar Wielen, de Buiten Kil en het Soldaten Wiel. Langs oude Maasarmen ligt het plaatsje Alem, wat voor de jaren ’30 van de vorige eeuw voordat de Maas werd rechtgetrokken nog in Noord-Brabant lag. Nu wandelen we hier in Gelderland.

In Kessel lopen we even een klein rondje door dit dorp en nemen we een voetpad dat langs de recreatieplas van de Lithese Ham loopt, na Kessel lopen we wederom over de dijk langs de Maas naar Lith. In Lith maakt het Maarten van Rossumpad een verrassend rondje door deze gemeente en langs de molen lopen we naar de pontje van Lith waar we de Maas oversteken. Vanaf de hoge dijk met zicht op het scheepvaartverkeer op de Maas tot aan het pontje Maren-Kessel-Alem die Maas oversteekt. Het is een van de vijf Maaspontjes die het geïsoleerde gebied van de Bommelerwaard ontsluiten.

Onze lift blijkt een oude bekende te zijn, een mooie afsluiter van een geweldig weekend.

Weekend 2: 28 en 29 november 2015 Zaltbommel Varik

Met een stralend blauwe lucht, beginnen wij onze 2e etappe van het Maarten van Rossumpad. ‘Denkend aan Holland zie ik breede rivieren traag door oneindig laagland gaan’. Met deze regels omschrijft Marsman precies hoe het Hollands landschap eruit heeft gezien en ziet. Waar de afstand van de Waal tot de Maas het kleinst is, lopen we van Zaltbommel via Rossum naar Heerewaarden. Het landschap waar we lopen is door de rivieren gevormd. Aan de Waal gaan we van Rossum via Hurwenen naar Zaltbommel.

Aan de Maas bij Moordhuizen en lopen over de Maasdijk richting Voorne. Voor Voorne lopen we het weiland in en wandelen we over de oude borstwering van het vroegere fort naar de oevers van de Maas, onderweg passeren we nog een paar oude kanonnen. Over een paar grasdijken en door verschillende klaphekjes wandelen we verder naar Heerwaarden waar we een rondje lopen door de oude vissersbuurt met zijn kleine witte huisjes.

De polders achter de Maasdijk dienden eeuwenlang als waterberging. Als Maas en Waal het overvloedige water niet konden afvoeren, liep het over de lage dijk van de Beerse Overlaat de polders in. Zo werden polders en steden stroomafwaarts gespaard. In 1942 werd de Beerse Overlaat afgesloten. Na Heerwaarden loopt het pad verder langs de Maas naar het fort en de sluizen van St. Andries waar we links uitkijken over de Maas en rechts over de Waal, waarna we Rossum binnenwandelen.

In Rossum waar Maarten is geboren, getogen en na zijn dood is teruggebracht. We lopen langs de kerk waar vroeger het graf was van Maarten van Rossum. Na zijn overlijden in 1555 werd Maarten van Rossum naar zijn geboortedorp gebracht en daar bijgezet in de kerk. Zijn graf is later geplunderd door Spaanse soldaten en naar Den Bosch overgebracht. Daar is het niet meer terug te vinden. Even verderop komen we langs het oude slot van Rossum dat vele malen is verwoest en weer opgebouwd. Achter Slot Rossum ligt een parkbos met stinsenflora en oude, bijzondere bomen. In het Slingerbos langs de dijk staan vooral inheemse bomen. Het landhuis staat op het terrein van het geheel verdwenen kasteel. Jan van Rossum, Maartens oudere broer, werd heer van Rossum en bewoonde het kasteel totdat in 1524 een brand grote schade toebracht. Jan verhuisde met zijn gezin naar Zaltbommel. Zijn kleindochter heeft het gebouw hersteld en bewoond, maar tijdens het beleg van Zaltbommel en de gevechten rond Sint-Andries in 1599 werd het beschoten en bleef alleen een ruïne over. In deze plaats liet Maarten van Rossum in 1535 het uitbundig versierde Stadskasteel bouwen. Op de plaats van een rentmeesters-woning heeft de familie Van Randwijck in 1848 het landhuis in neo-tudor stijl laten bouwen.

Na Rossum lopen we over de Waaldijk naar Hurwenen waar een eenzame schoorsteen nog herinnert aan de oude steenfabriek. Bij het kerkje van Hurwenen moeten we kiezen tussen een route over de dijk of door uiterwaarden van de Waal. We kiezen voor het laatste want zo lopen we door het natuurgebied van de Hurwenensche Kil, die is ontstaan door een dijkdoorbraak in 1639, een prachtig gebied met veel waterplassen waar vele vogels aanwezig zijn. Het pad begint tussen vijvers door. Veel hoog gras en soms moeilijk begaanbaar. Daarna lopen we over een modderige pad glibberend de Waaldijk op.

Het uitzicht op de dijk is ontzettend mooi in de verte tekenen de bruggen van Zaltbommel zich af in de lucht. Langs zandstrandjes van de Waal richting Zaltbommel. Onder de brug door door vervolgen we de route door het stadje. Vooraan een oude watertoren. Langs de Waalkade en door een poort naar het oude centrum van het schitterende stadje. Hier herinnert nog veel aan Maarten van Rossum zoals de straatnamen. De Martinus Nijhofbrug over de Waal zien we al van ver statig met zijn vier palen liggen.

Via de nieuwe Martinus Nijhoffbrug steken we de Waal over. Als we naar Waardenburg lopen striemt de regen op ons gezicht, raast het verkeer langs ons en varen de machtige schepen over de Waal onder ons. De tuibrug is iets hoger dan de kerktoren van Zaltbommel. Het fraai uitzicht op Zaltbommel verstopt zich achter de regen. We lopen naar onze knusse B&B in Waardenburg waar onze etappe voor die dag eindigt.

Deze wandeldag begon bewolkt toen we Waardenburg uitliepen en langs het oude kerkje over de Waaldijk naar de molen wandelden waarna het kasteel van deze gemeente in zicht kwam. Het dorpje Waardenburg is ingesloten tussen de A2 en de spoorlijn Utrecht-Den Bosch. Langs het kasteel van Waardenburg loopt de route verder door de bossen naar het kasteel van Neerijnen en langs de statige kerk van Neerijnen. Naast de kerk vinden we een prachtige bloementuin. Langs de boomgaarden lopen we terug naar de Waaldijk en passeren Opijnen waar de Waal weer in zicht komt. Over de Waaldijk met steeds wisselende uitzichten lopen we naar Heesselt en Varik. Het landschap waar we daarna in lopen is door de rivieren gevormd. Op het kribbenpad langs de Waal kwamen we voor een bruggetje dat bijna onder water lag. Met de kou en de flinke wind was dat een spannende oversteek.

 
Ondertussen is de zon tevoorschijn gekomen en wandelen we naar Varik waarbij we onderweg in de uiterwaarden verschillende Wielen zien. Aan de Waal ligt de Toren van Varik. De 15e eeuwse toren staat eenzaam langs de dijk, zij was in vroegere jaren voor de schippers een bekend oriëntatiepunt en de boeren en landarbeiders werkten op de klok van de toren. In Varik passeren we de Toren en even later de plaatselijke molen van deze gemeente waarna we, nog steeds wandelend over de Waaldijk, koers zetten naar Ophemert waarbij we onderweg weer verschillende Wielen en dode zijarmen van de Waal zien liggen.

Dag 5: 15 januari 2017 Varik Buren

Terwijl de meeste mensen vandaag schaatsen op dun ijs wandelen wij door schitterende sneeuwlandschappen. Onder een stralende oktoberzon  verlaten we in Ophemert de Waaldijk en lopen we rond het kasteel van deze gemeente om vervolgens door de weilanden en boomgaarden verder te wandelen, onderweg passeren we vele statige boerderijen en herenhuizen. Na een aantal kilometers wandelen we Wadenoijen binnen waar de bevroren Linge in zicht komt. We verlaten de Wadenoijen en steken de Linge over naar Kapel-Averzaath waar we via de Laageinde koers zetten naar de beruchte Betuwelijn. We passeren de Betuwelijn en wandelen in een gebied vol met fruitbomen en zien de Linge weer naast ons verschijnen. We lopen afwisselend tussen de fruitbomen en weilanden.

  

Langs de kerk van Zoelmond lopen we wederom tussen de boomgaarden en weilanden naar Ravenswaaij en naar de Lekdijk waar de Lek in zicht komt. We volgen de Lekdijk en komen bij de Prinses Marijke sluizen waar we de Lek overgaat in de Rijn en deze rivier het Amsterdam Rijnkanaal kruist.

Langs de stadswallen bereiken we het fraaie Buren. Gezamenlijk wandelen we de laatste kilometers naar Buren waar we door dit oude gezellige stadje lopen en de tijd nemen voor een koffiepauze.

Dag 6: 22 januari Buren Amerongen

Via de stadswallen verlaten we het fraaie Buren en langs de Aalsdijk en het riviertje de Korne vervolgen we onze route.

Onderweg passeren we weer vele oude boerderijen en statige panden. Verder door de weilanden zien we schaatsers. We komen aan in Zoelmond.

Vervolgens lopen we Rijswijk binnen en door deze gemeente lopen we naar de Rijnbandijk en zien we in de verte Wijk bij Duurstede met zijn bekende molen liggen.

Langs de kerk van Zoelmond lopen we wederom tussen de boomgaarden en weilanden naar Ravenswaaij en naar de Lekdijk waar de Lek in zicht komt. We volgen de Lekdijk en komen bij de Prinses Marijkesluizen waar we de Lek overgaat in de Rijn en deze rivier het Amsterdam Rijnkanaal kruist. We lopen langs forelvijvers, die zijn ontstaan in 1914 door een dreigende dijkdoorbraak. In de vijvers zitten wellen waaruit natuurlijk stromend water komt. Het is gelegen aan de dijk dicht bij “Het Eiland van Maurik”. Omdat niets open is eten we onze boterhammen op een beschut plekje bij de haven annex camping. In de lente is het hier vast prachtig wandelen doordat de fruitbomen in bloei staan. Nu wij er lopen zien we  fruitbomen met veel oud fruit. Het bleek dit jaar niet altijd rendabel de appels van de boom te plukken. Ondanks dat is het een prachtige omgeving met mooie dijken midden in het “Betuwse Landschap.

Er vinden momenteel werkzaamheden aan de dijk plaats, dijkverzwaring, waardoor de dijk geregeld helemaal afgesloten wordt. Gelukkig kunnen wij er op meerdere plekken goed langslopen. We blijven daarom over de dijk lopen met wisselende uitzichten over de Rijn en de weilanden en wandelen naar Maurik waar onze tocht voor deze zonnige dag eindigt. We nemen het pontje naar Amerongen waar onze lift ons opwacht.

Dag 7: 3 februari Amerongen Rhenen

We nemen het pontje vanuit Amerongen naar de overzijde om onze wandeltocht weer op te pakken. De gotische hervormde St Maartenskerk met een koor in de stijl van de Gelders-Nederrijnse gotiek en een toren uit de vroege 15e eeuw bepalen ons uitzicht als we langs Maurik lopen. We volgen vandaag vooral de oude Rijn, die vroeger gewoon de Rijn was. Het is goed te te zien hoe de rivier  zich in de afgelopen eeuwen door het landschap heeft verplaatst. Het is een beetje een druilerige winterdag als we vanuit Maurik de Rijndijk oplopen en links het uitgebreide recreatiegebied van Het Eiland van Maurik zien liggen.

Langs Lienden loopt de route langs een oude Rijnstrang. Bij het buiten gedijkte wiel de nieuwe Waaij gaat een smalle hoge dijk het binnenland in. Aan de dijken liggen vele oude boerderijen. Soms meer in dan aan de dijk. Zeker na de dijkverzwaring. Ze zijn doorgaans gebaseerd op het type van het hallehuis: een boerderij met een drie beukige plattegrond. In beide zijbeuken zijn de stallen gesitueerd, onder het laagste deel van het dak. In het midden is de deel, met de hooizolder erboven. Recht tegenover de grote deeldeuren bevindt zich het woonhuisgedeelte. Bij kleine boerderijen is dat even breed als het bedrijfsgedeelte. Soms veroorloofden welgestelde boeren zich het woonhuis te verbreden, zodat een T-vorm ontstond. Karakteristiek voor de Betuwse boerderij is het overstekende dak boven de deeldeuren. Dat gaf de mogelijkheid een kar met hooi droog te lossen of te stallen. Ook leverde het meer opslagruimte op voor hooi of om iets te drogen te hangen. Van oudsher waren de boerderijen met riet (in de komgronden volop te vinden) gedekt. Riet vraagt echter veel onderhoud en levert een hoge brandverzekeringspremie op. Veel boerderijen hebben daarom nu een pannendak.

We verlaten de Rijndijk en lopen via de Wielseweg door de boomgaarden langs Eck en Wiel. We wandelen langs de buurtgemeenten Ganzert, Essebroek en Lichtenberg waarna we bij Bontemorgen de Rijndijk weer oplopen. Hoewel Lienden, en ook Kesteren nu midden in het land liggen, waren het vroeger echte rivierdorpen. Vanaf de dijk zijn nog mooie oude hoogstam-boomgaarden te zien. Voor de productie worden nu vrijwel alleen nog laagstammen en struiken gebruikt. Tijdens onze wandeling zien we vele boeren de oogst binnenhalen. Aan de overzijde van de Rijn zien we Rhenen liggen en de contouren van de Grebbeberg. We passeren enkele Wielen en lopen langs Lienden. Vanaf Lienden vervolgen we het Maarten van Rossumpad over de Rijndijk en lopen we met een flauw zonnetje Kesteren binnen. In Kesteren nuttigen we de lunch in de snackbar van het mooie oude dorpshuis. De eigenaar heeft veel weg van de kasteleins, die je wel op oude schilderijen tegenkomt. Via de dorpskern lopen de de dijk weer op.

 

Vanaf Kesteren wandelen we richting de Rijn die we even later oversteken waarbij we boven op de brug een prachtig uitzicht hebben over Rhenen, de Rijn en de Grebbeberg. Hier eindigt onze wandeling voor deze dag. We nemen de bus naar Amerongen waar onze auto staat.

Dag 8: 3 februari Rhenen Heelsum

Het is waterkoud en het sneeuwt licht als we met de trein in Rhenen aankomen en onze wandeling beginnen op de Grebbeberg. Vandaag lopen we van de uiterwaarden de bossen in. Het blijft de gehele dag sneeuwen. Gelukkig lopen we voornamelijk door de bossen beschut van de kou.

Vlak voor Rhenen lopen we langs de Rijnoever richting de Grebbeberg. Het Maarten van Rossumpad verlaat hier bij Rhenen het Rivierenland en even later klimmen we via vele treden ruim 50 meter omhoog naar de top van de Grebbeberg. Hier passeren we de Koningstafel, een overblijfsel van een jachtverblijf uit de Middeleeuwen en hebben we prachtige uitzichten op de Rijn en het natuurgebied van de Blauwe Kamer. Door de bossen van de Grebbeberg wandelen we verder. Bovenop ligt het Nationaal Monument 40/45 en de Erebegraafplaats. Het is nog steeds een grauwe winterdag als we van de Grebbeberg afdalen en weer koers zetten richting de Rijn.

We passeren een oud Dijkmagazijn uit 1890 die nog steeds dienst doet als opslagruimte en via de Wageningse Afweg lopen we naar Wageningen. Via de Pabsterdam lopen we bij Wageningen weer naar de oevers van de Rijn en blijven we over een grasdijk langs de Rijnoever wandelen en passeren de steenfabriek De Bovenste Polder, die nu een broedplaats van kunstenaars is. Even later verlaten we de Rijnoever en klimmen we via vele trappen weer ruim 30 meter omhoog de Wageningse Berg op, we lopen hier precies op de rand van de oude stuwwal en hebben fraaie uitzichten op het Rijndal.

Op deze stuwwal ligt de fraaie Botanische tuin Belmonte van de Landbouw Universiteit van Wageningen, waar we dwars doorheen wandelen. Daarna blijven we geruime tijd op de rand van de stuwwal doorlopen met wisselende uitzichten op het Rijndal.

Voor Renkum buigen we af van de Rijnoever en lopen we de Wageningse bossen in en passeren we het Oranje Nassau’s Oord het oude buitenverblijf van Koning Willem III. We wandelen nu verschillende kilometers door de winterse bossen en passeren enkele Beken en Sprengen (hand gegraven beken), tevens passeren we enkele grafheuvels en oude boerderijen.

We wandelen met een grote boog om Renkum heen door de bossen naar Heelsum. We zien verschillende oorlogsmonumenten en stappen net voor de zonsondergang op de bus.

Dag 9: 16 februari Heelsum Arnhem

We starten in Renkum waar we het oude kerkje passeren dat op een hoge terp is gebouwd.

In een mistige witte wereld lopen we Heelsum uit over een zandweg, richting de Rijn en wandelen onder de drukke A50 door om direct daarna omhoog de bossen in te lopen van de Boersberg, een oude stuwwal langs de Rijn.

Even later dalen we weer af uit de bossen en lopen de uiterwaard van de Rijn in naar het kasteel van Doorweth. Na een rondje om dit kasteel lopen we weer terug naar de bossen en weer omhoog om boven op de stuwwal onze route te vervolgen, we passeren de Huneschans, een oude vluchtburg en dalen weer af naar Heveadorp.

Na Heveadorp lopen we wederom omhoog naar de Westerbouwing waar we weer afdalen en via een oud Kerkpad wandelen we naar Oosterbeek en passeren het oude kerkje. Even voorbij Oosterbeek verlaten we de Rijnvallei en terwijl het ondertussen knap mistig en koud is geworden lopen we noordwaarts en passeren het voormalige klooster Mariendaal en wandelen langs kleine beekjes verder door de bossen van de Zuid Veluwezoom.

In de bossen passeren we restaurant Groot Warnsborg en wandelen verder richting Arnhem dat we binnenlopen bij Kasteel Zypendaal. Langs de vijvers van dit kasteel vervolgen we het Maarten van Rossumpad en steken we de beek over, waar vroeger de oude papiermolens stonden. Vervolgens lopen we Arnhem in.

Dag 10: 20 februari Arnhem Laag soaren

We starten vandaag op Arnhem centraal en lopen aan de achterzijde naar het fraaie park Sonsbeek, daar drinken we wat. Je waant je hier met dit uitzicht terug in de tijd. We lopen vervolgens verder heuvelopwaarts langs het ziekenhuis en even later passeren we de Stenen Tafel, volgens de historie bestaat deze stenen tafel uit de oude resten van een oud klooster.

Er is een dikke mist als we in Noord Arnhem naar het uitkijkpunt “Hoogte 80” lopen. Door de dikke mist kunnen we helaas niets zien van het uitzicht. Een wandelaarster verteld ons dat je hier bij goede omstandigheden Nijmegen kan zien liggen. Even later lopen we Rozendaal binnen en wandelen langs het bekende park “De Bedriegertjes” en het Kasteel Rosendael. Door de bossen steken we de Beekhuizenbeek over en we blijven deze beek een tijdje volgen. Langs verschillende watervalletjes en over houten bruggetjes steken we deze beek enkele keren over en wandelen door een zeer heuvelachtig gebied verder de Veluwe binnen.

Langzaam aan lopen we verder omhoog. Er zitten pittige klimpartijen bij vandaag. Boven op de Zijpenberg komen we zelfs boven de 100 meter hoogteverschil uit. Ondertussen is de regen weer begonnen dit levert, ondanks de kou spectaculaire beelden op, doordat de miezer regen in wolken door het dal waait. We dalen af naar de heidevelden onder de Posbank, vernoemd naar de ANWB-voorman van het eerste uur. Onder deze bijzonder natte omstandigheden lopen we over de met zilveren regendruppels bedekte heide naar het uitzichtpunt van de bekende Posbank. Daar nuttigen we onze lunch bij het paviljoen en drogen we onze spullen.

Vanaf de Posbank loopt het Maarten van Rossumpad verder over heuvelachtig terrein naar het gebied van de Onzalige Bossen waar we over de Helsberg de Koningslaan inlopen, een meer dan één kilometer lange laan van Beukenbomen wat vroeger, in de 17e eeuw, één van de jachtwegen was.

Na de fraaie Koningslaan wandelen we langs de Carolina hoeve verder door de bossen en komen uiteindelijk na een aantal kilometers, vlak voor Laag Soeren, weer bij een beek uit waarna we Laag Soaren binnenlopen waar onze etappe voor deze dag na ruim 26 kilometer nat en koud eindigt.

Dag 11: 10 maart Laag soaren Vaassen

Na een lange tram, trein en busrit lopen we Laag Soeren uit en genieten al gelijk van de prachtige bossen.


Even later steken we de spoorbaan van de Veluwse Stoomtrein Maatschappij over en wandelen naar het Apeldoorns kanaal dat we voorlopig een 9-tal kilometers zullen volgen.

   
Langs de in zonovergoten oevers en rietkragen van het kanaal en het groene landschap genieten we volop van deze langgerekte schaduwrijke wereld. Halverwege zit een ooievaarsstel in het wild.
Langs het kanaal passeren we een aantal oude ophaalbruggen en de oude papierfabriek De Middelste Molen die wordt aangedreven door de watermolen in de Loenense beek.

 
Bij de beek van de Veldhuizer Spreng verlaten we het kanaal en wandelen langs de beek door de bossen van de Scherpenberg, komen we weer bij de spoorbaan van de stoomtrein aan en passeren de halte Immenbergweg.
Via de Hulhorstweg lopen we langs de toppen van de Immenberg naar de Hulleweg waar het Maarten van Rossumpad het Marskramerpad kruist.

Daarna lopen we via de Ruggeweg naar Beekbergen. Waar de krokussen vol kleuren en geuren de lente aantonen. Langs Beekbergen, via het Konijnenkamp, een open gebied, naar het gehucht Engeland. Door de bossen van het landgoed Bruggelen lopen we langs een fraaie Salamanderplas naar de top van de Bakenberg langs de oude 10×10 meter begraafplaats met lelijke met biezen en kettingen afgesloten tuintje van  met veel wilde begroeiing.

Na de afdaling komen we in het inspratiegebied van de met de hand gegraven Koppelsprengen waar we via een smal paadje langs de verschillende heldere beekjes met fraaie houtwallen blijven lopen tot aan het kleine waterrad van de Hamermolen, een oude papiermolen. Waar we op bezoek gaan bij oude bekenden.

Later op de avond passeren we bij Ughelen de drukke A1 en buigen we af via het Orderbos naar het begin van de buitenwijken van Apeldoorn. We lopen in het donker door een bosrand naar de bushalte, waar ik mijn broek openhaal aan prikkeldraad en we net op tijd de bus halen.

Dag 12: 14 maart Vaassen via Apeldoorn naar Cannenburch

We blijven langs de bosrand van het Orderbos lopen en passeren de Topberg en verschillende sportvelden waarna we uitkomen bij de ingang van het park Berg en Bos en de bekende Apenheul.


Door de bossen lopen we naar de Wildernisbaan waarna we uitkomen bij de oprijlaan van het Paleis Het Loo.
Na een onze lunch te hebben genoten op het gesloten terras bij het rijtuigmuseum waar de route langsloopt, komen we voor de hekken van het fraaie paleis Het Loo.

 

Via de wijk Het Loo en de Zwolseweg verlaten we Apeldoorn. We drinken wat op het laatste terras en over de Wiesselseweg lopen we weer door de bossen en weilanden en passeren de waterplassen van de Rotterdamsche kopermolen.Voor deze dag eindigt hier onze wandeltocht over het Maarten van Rossumpad.Onder een aangenaam zonnetje lopen we tussen bomen en weilanden door van het Geldersche Landschap. We bezoeken de boerderij van een gepensioneerd echtpaar. De vrouw des huizes laat ons met veel enthousiasme alle kamers en onderdelen van het perceel zien, terwijl manlief in de zon een boekje leest.


Via de Kortenbroek lopen we richting Vaassen en passeren de Geelmolensche Beek die hier met een soort van Aquaduct een andere beek kruist.

Hier ligt ook De Geelmolen, een oude kopermolen, waarna we via de Emmalaan naar Kasteel Cannenburch wandelen. Kasteel Cannenburch was de woonplaats van Maarten van Rossum en onze ridder zit hier dan ook  in het brons voor zijn eigen kasteel op het bankje.

Dag 13: 23 maart Watermolen Cannenburch Bosrand

Vanaf het kasteel wandelen we verder door de weilanden en passeren de Nijmolenschebeek waar vrijgezelle molenaar peter ons een bakkie koffie aanbiedt. Zowel moeders als broer zijn actief in het generaties lange familiebedrijf. Opa zit in het hout op een bankje voor de watermolen.

 

Daarna lopen de bossen van het Kroondomein binnen, de oude jachtgronden van Oranje-Nassau’s. In de bossen passeren we verschillende grafheuvels.


Langs het buurtschap Schaveren met zwijnen en mooie boerderijen passeren we weer enkele sprengen en komen bij het natuurgebied van het Wisselsche Veen waar verschillende waterpartijen liggen. Nadat we de Tongerensche Beek gepasseerd zijn wandelen verder richting Epe. Hier raken we even van het pas af. De rood witte strepen van de route zijn op dit deel van de tocht lastig te vinden. We maken een ommetje van 2 à 3 kilometer, waarbij we nog een mooie landerij ontdekken.

Met een matig zonnetje lopen we verder op de Oost Ravenweg en wandelen door de uitgestrekte bossen van Epe. Wandelend door de bossen komen we bij een Hertenkamp en via de Galgenberg komen we op de heide van de Renderklippen uit, een heuvelachtig gebied vol met heide. Op de Renderklippen vinden we ook een grote schaapskooi. Waar de lammetjes de voederbakken als rustplek hebben uitgekozen. Verderop bij de ven rennen twee schaapshonden als een dolle heen een weer langs de verschillende infopanelen over het gebied.

Na dit heidegebied komen we bij het idyllisch Pluismeer, een waterven dat prachtig gelegen is midden in de bossen. Via de Paraplu, een fraaie picknickplaats loopt het Maarten van Rossumpad weer terug naar de Renderklippen en daarna door de bossen naar het gebied rond de Putjesberg, hier eindigt onze etappe voor deze dag.

De laatste bus is al vertrokken, liften blijkt geen uitkomst te zijn. Anders dan vroeger rijden mensen gewoon door zonder een vraag te stellen. Na veel moeite vinden we een taxi die ons naar Zwolle brengt.

 

Bij het Heerderstrand waar we even picknicken lopen we verder en steken de A50 over naar de Zwolsche Bossen en komen uit op de heide bij de Tonnenberg.

Verder door de bossen lopend komen we bij de Kret, een oud waterwingebied met een gegraven greppel waar nu het wandelpad doorheen loopt en waar men vroeger kon zwemmen.
We lopen verder door de Zwolsche Bossen richting Wapenveld waar we over de Parklaan de Veluwe gaan verlaten om over te steken naar de uiterwaarden van de IJssel,

Related posts

Array ( [marginTop] => 100 [pageid] => Red Dot [alignment] => left [width] => 292 [height] => 300 [color_scheme] => light [header] => header [footer] => footer [border] => true [scrollbar] => scrollbar [linkcolor] => #2EA2CC )